TCD Capital

PE & VC glossary

Heldere definities van gangbare investeringstermen.

  1. Zetel in de raad van bestuur

    Een formele positie in de raad van bestuur van een bedrijf, doorgaans met stemrecht en de taak om toezicht te houden op het management en belangrijke beslissingen.
  2. Aandeelhoudersoverzicht (cap table)

    Een overzicht van de eigendomsstructuur van een bedrijf, met de aandeelhouders, de effecten die ze bezitten en hun respectieve eigendomspercentages.
  3. Co-investering

    Een investering naast een fonds of leadinvesteerder in hetzelfde bedrijf of dezelfde transactie, doorgaans via een afzonderlijke allocatie.
  4. Verwatering

    De daling van het eigendomspercentage van een bestaande aandeelhouder wanneer een bedrijf bijkomende aandelen of andere effecten uitgeeft.
  5. Due diligence

    Het onderzoek naar de activiteiten, financiën, juridische situatie, technologie, markt en andere wezenlijke risico’s van een bedrijf vóór een investeringsbeslissing.
  6. Exit

    Een transactie waarbij een investeerder een deel of het geheel van een investering te gelde maakt, zoals een verkoop, fusie, beursgang of secundaire aandelenverkoop.
  7. Vervolginvestering (follow-on)

    Bijkomend kapitaal dat na de initiële investering in een portfoliobedrijf wordt geïnvesteerd.
  8. Vintage van een fonds

    Het jaar waarin een investeringsfonds begint te investeren of zijn eerste investering doet. Het wordt vaak gebruikt om fondsen uit vergelijkbare periodes te vergelijken.
  9. Beherend vennoot (General Partner, GP)

    De entiteit of het team dat verantwoordelijk is voor het beheer van een investeringsfonds, de investeringsbeslissingen en het toezicht op de portfolio.
  10. Governance

    De structuren en processen waarmee een bedrijf wordt bestuurd en gecontroleerd, waaronder de verantwoordelijkheden van de raad van bestuur, de rapportering en de beslissingsbevoegdheden.
  11. Groeikapitaal (growth equity)

    Eigen vermogen dat wordt verstrekt aan een gevestigd bedrijf dat wil uitbreiden, doorgaans zonder dat de investeerder de volledige controle over het bedrijf verwerft.
  12. Commanditaire vennoot (Limited Partner, LP)

    Een investeerder die kapitaal toezegt aan een privaat fonds en het dagelijkse investeringsbeheer overlaat aan de beherend vennoot (GP).
  13. Portfoliobedrijf

    Een bedrijf waarin een investeringsfonds of investeringsmaatschappij momenteel een participatie heeft.
  14. Seedronde

    Een vroege financieringsronde om een product te ontwikkelen, een markt te valideren en het eerste team uit te bouwen, vóór latere institutionele rondes.
  15. Series A

    De eerste grote institutionele financieringsronde in eigen vermogen met een vastgelegde waardering, doorgaans bedoeld om een bewezen product of businessmodel verder te ontwikkelen en de groei te ondersteunen.
  16. Term sheet

    Een doorgaans niet-bindend document met de voornaamste commerciële en juridische voorwaarden die voor een investering worden voorgesteld.
  17. Waardering

    De overeengekomen of geschatte waarde van een bedrijf. Bij een financiering wordt de pre-moneywaardering gemeten vóór de inbreng van nieuw kapitaal en de post-moneywaardering erna.